Inloggen
Contact

Antwoorden op veelgestelde EPA-U-vragen

Het EPA-adviesplatform ondersteunt en informeert, onder andere door vragen van EPA-U-adviseurs te beantwoorden door een commissie van deskundigen. Hier hun reactie op de meest gestelde vragen van de laatste tijd.

Vraag 1

Er staan tegenstrijdige antwoorden op de site met betrekking tot winkelfunctie zonder warm tapwater. Bij de warmtapwatertoelichting (786) staat dat bij (tijdelijk) ontbreken van tapwater altijd boiler wordt aangehouden. Bij de winkeltoelichting (791) staat dat indien de winkel in gebruik is zonder tapwater, deze ook niet forfaitair moet worden opgegeven. Dus wat moet ik doen bij een winkelzone waar geen warmtapwater is?

Antwoord
 Het eerste geval is bedoeld voor het zogenaamde ‘Pre-use’ label. Het gebouw staat leeg en er zijn geen installaties aanwezig. Dan hou je voor tapwater een elektrische boiler aan: zie ook paragraaf 7.9.1 ISSO 75.1. Het tweede geval wat je beschrijft gaat over het ‘In-use’label. In dat geval neem je de situatie op die je in het gebouw aantreft.

Vraag 2

Ik ben bezig met het uitwerken van een pand waar een restaurant in zit. De keuken word afgezogen en en restaurantgedeelte niet. In de wand tussen de keuken en het restaurant is een opening gemaakt om eten door te geven. Mijn vraag is nu: moet de keuken meegenomen worden bij het label? Of mag je de mechanische afzuiging aanhouden van de keuken?

Antwoord
Nee, de keuken wordt niet meegenomen voor het label. Hier wordt op bedrijfsmatig niveau voedsel bereid. De keuken krijgt hiermee een industriefunctie.

Vraag 3

Wij begeleiden initiatieven die coöperatief zonnestroom willen opwekken. We krijgen soms de vraag van een eigenaar van een dak - in dit geval van een groot utiliteitsgebouw waarin een huurder zit - of het ter beschikking stellen van het dak aan een coöperatie die een zonnestroominstallatie exploiteert, invloed kan hebben op de EPC-norm/ het energielabel van het gebouw.

Antwoord
Als de stroom wordt opgewekt op een ander perceel is er sprake van een EMG-maatregel. Als de stroom niet ten goede komt van het gebouw dan mag dit niet worden meegeteld in de Energetische prestatie van het gebouw. De eigenaar wordt dan feitelijk een energieleverancier. 
Als de opgewekte stroom op eigen perceel of ander perceel aan het net wordt geleverd mag deze slechts in de detailmethode worden meegenomen als er een aantoonbare verrekening van de daadwerkelijke opbrengst naar eigenaar van het te labelen gebouw plaats vindt. Dus als er een bewijs is dat je voor 25% eigenaar bent en ook daadwerkelijk 25% van de opbrengst wordt financieel verrekend dan mag je 25% van de panelen toekennen aan het gebouw in de detail methode. In de basis methode moet je alle panelen op het gebouw meenemen.